Welkom op de website van Schaakklub Souburg!
Op donderdagavond spelen de senioren competitie, op vrijdag is het voor de jeugd klubavond.
We organiseren elk jaar meerdere gezelligheidstoernooien.
Ter ere van 50 jaar SKS werd zelfs een heuse een Chess & Jazz avond georganiseerd
Het traditionele Pepernotentoernooi trekt jaarlijks vele jeugdige schakertjes.
Het is altijd gezellig druk bij het Oliebollentoernooi (volgende editie: maandag 28 dec. !!)
Het internationale Scheldemond Schaaktoernooi: door en met SKS-ers
Schaken is een sport voor jong...
...en...eh...iets minder jong
Twee legendes: Koolhoven en Kasparov

Welkom op de website van Schaakklub Souburg!

  • Dat soort dingen gebeuren alleen in Hekhuispartijen

    Het heeft even geduurd, maar bij deze nu dan ook de onlineversie van mijn Jubileumvertelling. Het kostte me enorm veel tijd en moeite om alle partijfragmenten inclusief de analysezettenreeksen naspeelbaar te maken in de viewer. Het helpt natuurlijk ook niet echt, dat ik van websites, programmeren en dat soort dingen weinig kaas heb gegeten in tegenstelling tot mijn broertje. Daarnaast kon ik slecht inschatten hoeveel ik die avond zou kunnen gaan vertellen in ongeveer drie kwartier. Dus een aantal fragmenten heb ik daarom op 10 september niet kunnen tonen in de Jubileumvertelling. Deze zijn nu – als een soort bonusmateriaal – toegevoegd en (verder) uitgewerkt. En zo zien ook de mensen die op 10 september aanwezig waren toch nog wat nieuwe dingen.

    Over het naspelen van de partijen in de viewer: Wil je de partij naspelen vanuit het perspectief van zwart, klik dan op het veld e7. Wil je het bord weer terugdraaien, klik dan op veld d2.

    De titel van dit artikel was het thema van de Septemberjubileumvertelling. Een citaat. Echter de aanwezige geciteerde bleek zich in het geheel niet meer te kunnen herinneren deze opmerking gemaakt te hebben. Dus bij deze.

    06112026_1.png

    De opmerking van René was er één zonder smiley of verdere toelichting. Of hij met deze opmerking nu uiting gaf aan gevoelens van trots, medelijden, verveling, verrassing, jaloezie, bewondering, inspiratie, melancholie, frustratie, berusting, blijdschap of wat anders of een combinatie van voorgaande is me nog steeds niet duidelijk geworden. Wel duidelijk is, dat ik in slechte stellingen een inspiratiebron voor hem ben en dat vind ik voorwaar een mooi compliment:

    https://www.sksouburg.net/index.php/toernooien/1975-slecht-slechter-slechtst

    “Je zal met zwart op het laatst toch maar Kh7 spelen ipv Kh8” sloeg overigens op de eerste partij in de WK-cyclus 2024 tussen Gukesh en Ding. Dat de witspeler dik twee weken later deze tweekamp als winnaar en dus wereldkampioen zou afsluiten, bleek nog niet echt in deze eerste partij. Een witte aanval kwam nooit van de grond, zwart snoepte wat pionnen mee en kwam uiteindelijk in onderstaande stelling terecht.

    Zwart staat schaak en ontwijkt uiteraard de laatste val van wit door het spelen van 42…Kh8, waarna wit de partij direct opgaf. Volgens de overlevering zouden in deze stelling mijn tegenstanders doorgaans dus bij voorkeur 42…Kh7 spelen om vervolgens beteuterd toe te kijken hoe ze na 43. Dxe4+ dxe4 44. Lxa2 ineens een stuk armer zijn. Maar is dat echt zo? Gebeuren dit soort "dingen" naar verhouding vaker in mijn partijen? Onze voorzitter vond het bij voorbaat al helemaal niet zo uniek. Het gebeurt immers net zo vaak ook in partijen van mijn tegenstanders, weliswaar dan als lijdend voorwerp en “hijzelf in het bijzonder”, schaterde hij vooraf.

    Toen Bert mij benaderde om een jubileumvertelling voor mijn rekening te nemen, hoefde ik over het onderwerp niet lang na te denken. Als ik ergens een handje van heb, is het wel om uit verloren stellingen nog halve en soms hele punten te halen. Daar kon ik vast wel een mooi praatje met veel, voor het publiek deels autobiografische, elementen van maken. Het bleek echter nog knap lastig om relevant partijmateriaal te vinden. Al jarenlang archiveer ik al mijn partijen rechthoekig. Vrij vertaald komt dat neer op alle losse partijnotaties op één grote hoop in een (rechthoekige) kartonnen doos uit 1995 mikken. Dat werd dus eerst maar eens uitsorteren en dan kijken of ik de voorbeeldpartijen met vermeende jaartallen nog kon terugvinden.

    06112026_2.png

    Het gelukkige toeval wil, dat ik één partij snel had teruggevonden, want er is zelfs een schwindel die ooit een schaakboek heeft gehaald. Henrik kreeg enige tijd training van FM Frank Erwich. In één van de door Henrik aangeleverde partijen zag Erwich wel brood als oefenopgave voor zijn boek 1001 Chess Exercises for Club Players. Wat voorafging aan de opgave in het boek was onderstaande stelling, na 38...Pf6-e4:

    06112026_3.png

    Zoals wel eens vaker had ik van de opening een gigantische puinhoop gemaakt om vervolgens de Van-kwaad-tot-erger-variant in het middenspel te spelen. Het is niet zonder reden dat dit fragment begint op zet 36 en de rest van de partij is weggeknipt. Niet geschikt voor jeugdige kijkers zogezegd.

    Na de laatste zet van Henrik schoten vol zelfkastijding het volgende door mijn hoofd: 

    Pfff, wat dreigt-ie nou weer?!? Ah, zeker zoiets als Dh1+ - Ke2 - Dxb1 - Dxb1 - Pc3+ en een toren kwijt, ik heb je wel door [dat zag ik dan inderdaad weer nog net wel]. Wat is deze stelling een ruïne, je hebt er weer een mooi potje van gemaakt! Ik kan eigenlijk net zo goed opgeven... Maarrr, met opgeven heeft nog nooit iemand gewonnen, dus laten we kijken wat nog wel kan. Die pionnen gaan in elk geval nergens heen. De koning kan ook niet veel, sterker nog, die kan niet eens één zet doen...Oh, maar wacht eens even…, als die geen één zet kan doen, dan moet ik dus alleen mijn dame en toren kwijtraken, zonder dat het zwarte paard en de zwarte dame van hun plek komen, want dan zou het pat zijn. Dat zal dan via de achterste rij moeten gebeuren. Ah kijk, met de toren beginnen heeft nog een voordeel, want dan kan de loper er niet tussen. Dat zou helemaal sadistisch zijn, in plaats van een halfje te veel een vol punt cadeau.



    Een combinatie van een Dolle Toren en een Dolle Dame, gekker moet een ontsnapping niet worden! En toch werd dat het, toen in de analyse bleek, dat Henrik alsnog had kunnen winnen. Want na 41. Dd8+ Lf8! kan de loper weliswaar gratis geslagen worden, maar van een Dolle Dame is daarna geen sprake meer. De pion op a2 heeft namelijk met a3 en a4 ineens niet één, maar twee zetten ter beschikking. En zo komen we uit bij opgave 810 uit eerdergenoemd boek:

    06112026_4.png

    Geen perfecte schwindel dus. Volgens de geleerden heeft een perfecte schwindel altijd iets van een aanmoediging in zich. Een ordinaire blunder in een gewonnen stelling maakt dus nog geen schwindel. Nee, de perfectie wordt benaderd, wanneer je je tegenstander weet te verleiden tot de meest logische zet, de juist een blunder blijkt te zijn. De partij tegen Henrik deed me denken aan het volgende 130 jaar oude fragment waarin dit wel gebeurde. Of gebeurd zou zijn, want niet zelden werd in die tijd een schitterende analysevariant gepromoveerd tot het uiteindelijke partijverloop…

    06112026_5.png

    Het is geen Hekhuispartij, maar ik zal vast wel meermaals een vergelijkbare slechte stelling op het bord gehad hebben. Wanneer zwart aan zet zou zijn, dan ligt 1…Lh3 met een niet meer te dekken mat erg voor de hand. Echter, wit is aan zet en die weet zwart gigantisch te trucen: 1. Td1! Lh3? 2. Txd8 Kxd8 3. Dd1+!! Dxd1 en met het bord nog behoorlijk vol is het pat.

    En dat brengt me bij een partij waarin beide spelers elkaar beschwindelen. Het gaat hier over een KNSB-wedstrijd uit 2009 tegen Marcel van Herck, een sympathieke Antwerpenaar die nog met België op de Olympiade in Argentinië in 1972 speelde. Aan speelsterkte en ervaring dus geen gebrek. En toch liet hij zich lelijk beetnemen in de volgende partij. 

    Als kwartduitser mag ik graag wat oude Duitse volkswijsheden aanhalen en “Wer schwindelt als Letzte, schwindelt am besten” leek me hier wel op zijn plaats.

    Bij het uitsorteren en doorbladeren van al die partijen kwam ik zeker niet alleen maar schwindels tegen. Soms wordt er ook gewoon goed geschaakt. Een Blitzkrieg overkwam – jawel – Marcel van Herck 10 jaar na onze voorgaande partij. Overigens speelden we in de tussenliggende jaren vaker tegen elkaar en na nog een aantal nederlagen speelde hij ineens geen 1. e4 meer tegen mij. Hoewel ik me net zo verheugd had op een Draak beschouwde ik zijn openingszet maar als een kleine overwinning.



    De KNSB kent elke competitiedag een schoonheidsprijs voor de mooiste in die ronde gespeelde partij. Meer uit balorigheid (doorgaans wordt een partij in de Meesterklasse gekozen) dan serieus een gooi doen naar deze prijs stuurde ik deze partij in. Des te groter was de verrassing enkele weken later:

    https://schaken.nl/hekhuis-wint-prijs-met-eeuwig-jong-loperoffer/

    Soms krijg ik wel eens de vraag waarom (het lijkt dat) ik meer dan een gemiddelde schaker zou schwindelen. Het is niet iets waar ik op train, als je er al echt op zou kunnen trainen. Wat wel helpt is het regelmatig doen van tactische opgaven. Bepaalde patronen ga je dan in partijstellingen herkennen en dus ook in slechte partijstellingen. Een boek wat ik in mijn jeugd helemaal heb doorgewerkt is de 3 kg zware en ruim 1100 bladzijdes tellende Chess: Training in 5333+1 Positions geschreven door niemand minder dan de vader van de Polgar-zusjes.

    06112026_6.png

    Een aanrader voor iedereen die meer op trucjes wil spelen en/of van bijbels houdt. Bovendien leer je dat in sommige gevallen de aanval de beste verdediging is, zoals in onderstaand fragment:

    Er is al een aantal boeken voorbij gekomen, maar de mooiste heb ik nog niet besproken: The Complet Chess Swindler van de Australische GM David Smerdon. Ook dit boek kan ik – hoe kan het ook anders – van harte aanbevelen.

    06112026_7.png

    Eén van de fraaiste fragmenten is in dit boek is van de auteur zelf (de naam van de witspeler wordt niet genoemd):



    Ter afsluiting: Ik kan me niet herinneren, dat ik het wel eens zo bont heb gemaakt als deze laatste schwindel. Er is dus nog ruimte voor verbetering, wees gewaarschuwd!

Door Johanna Brouwer

Voor de laatste teamwedstrijd van Souburg-C stond Frans zelfs al twintig minuten voor de geplande vertrektijd op de stoep. Dat kwam goed uit, want hij had last van z’n ingewanden en wilde nog graag even naar de wc. Toen ook Raymond en Eric gearriveerd waren, zoefden we ruim op tijd naar Zierikzee voor de laatste avondwedstrijd van seizoen ‘25-‘26 (Een stuk makkelijker dan Souburg A met hun trip naar Denk en Zet, red.).
Altijd leuk om door de Pieterseliestraat te lopen.

Eric wilde graag op het vierde bord omdat hij de laatste tijd niet zo lekker speelt en de rest zat op rating. Ik speelde tegen Mark van Rooten die al heel snel heel lang ging nadenken. Zo kon ik even bij de andere borden kijken. Raymond had een Catalaan op het bord, een opening waarin hij naar eigen zeggen geen specialist is, maar desondanks stond hij met wit al lekker tegen Peter de Vrieze. In een poging de witte activiteit in te dammen dwong Peter damesruil af, maar Raymond had nog een leuk tussenzetje en won een paard. Peter stuurde nog een pionnenstorm richting Raymond en even leek het er nog op dat er eentje ging promoveren. Gelukkig bleek het allemaal gevaarlijker dan het was, de angel was eruit en het eerste punt was binnen. 0-1

Op het tweede bord had ik zwart tegen Mark die ruim honderd punten meer heeft dan ik. Met de pionwinst op de twaalfde zet was ik dan ook best ingenomen. Mark won ‘m met geweld terug door een paardoffer op f7, maar na een serietje schaakjes stond hij toch gewoon een kwaliteit achter. Wel kreeg hij een geweldige aanval op de koningsvleugel die verzandde toen de dames geruild waren. In het eindspel maakte ik nog een stom foutje dat gelukkig niet benut werd en toen Mark de toren op e5 zette was het 0-2.

2526ZierikzeeB Souburg C Diagram01

Eric Bouman kreeg met zwart een Italiaanse opening op het bord en na wat afruil van stukken trok Erik de Vrieze met wit de regie op de damevleugel naar zich toe. Eric zag het hakblok al opdoemen. Op de 25e zet kreeg Eric de G-lijn open en kon hij enkele zetten later de toren erop zetten, terwijl Erik de Vrieze op de damevleugel de pionnen op a6 en b7 ging consumeren. Dat had De Vrieze beter niet kunnen doen, want de afstand tot de G-lijn was zo wel lang. Hij probeerde het nog met Tf3, maar die ging er -met nog twee minuten op de klok- met de dame op H5 gewoon af. Altijd zo leuk, een penning bij je tegenstander.  Erik was sportief en schudde meteen de hand van Eric. 0-3

Alleen Frans zat nu nog achter het bord. Met z’n drieën zagen we hoe onze teamgenoot zat te ploeteren. Waren het de ingewanden of was Efraïm Pronk met 120 punten meer gewoon een maatje te groot? In ieder geval werd het zo 1-3.

Tot volgend jaar zeiden we opgewekt bij het verlaten van het pand. Vanaf de achterbank kregen we onderweg nog een college Vaderlandsche Geschiedenis en Archeologie, want eigenlijk was Frans liever archeoloog dan schoenenverkoper geworden.

2526Uitslag ronde07

 

Overig nieuws

© 2002-2026 Schaakklub Souburg. Volg ons ook op: